Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for juni, 2011

Een mooie dag

Het belooft een mooie dag te worden!
Gisteren redelijk wat regen, vandaag tot nu toe windstil… .
Gisteren de pasgeboren steenuiltjes gezien, vandaag 2 reigers ….

De kleine vos is ook alweer vroeg van de partij, net zoals de 10-tallen grote dikkopjes.

Advertenties

Read Full Post »

Vandaag gaat boer Thomas naar de Dag van de kriek. Neen, dat is niet de één of andere kwekerij van kriekebomen, dat is een bierproeverij met één van de grootste keuzes aan kriekbieren.
Misschien denken er nu enkelen dat ik zoete biertjes ga proeven, dat is zeker niet het geval.
Anderen weten wel beter, misschien na het zien van het TV1 programma ‘Tournee Generale’ ivm Geuze die je hier en hier kan zien: kriek is zuur, niet zoet, kersen zijn zoet.
In feite is dit niet helemaal juist, toen ik het eens vroeg bij Girardin : ‘meneer, ne Kriek… da ies nie zoet en nie zuur’ … ok dan!

De kriekbieren die we meestel op café zien zijn, spijtig genoeg, de zoete versies. Dat kan je, meestal, zien aan het kroonkurk.
De meeste ‘echte’ kriekbieren hebben een champagnekurk en een champagnedop, de ‘zoete’ kriekbieren hebben gewoon een kroonkurk.

Kriekenbier is bier van spontane gisting, bereid uit oude en jonge (1 jaar gegist) lambiek gerijpt op eiken vaten.
In een vat lambiek van 6 maanden oud of ouder voegt men krieken toe , hierdoor ontstaat een nieuwe gisting in de vaten (hun suikers doen het bier opnieuw gisten en geven het meer diepte).
Na nogmaals 6 maanden is het resultaat een fris, zuur-zoet, niet schuimend en rood bier, met de smaak van de krieken. Aan echte kriek worden geen zoetmiddelen of bewaarmiddelen toegevoegd.

Originele kriek-lambiek werd vervaardigd door toevoeging van Schaarbeekse krieken. Daar deze variëteit zeldzaam geworden is, worden tegenwoordig andere  rassen gebruikt, vooral Noordkrieken.
Gelukkig zijn er nog enkelen die heel af en toe nog eens een Schaarbeekse Kriek op de markt brengen, namelijk 3 fonteinen , Cantillon en sinds binnenkort ook Hanssens die kriekenlambiek heeft en die we uiteraard gaan proeven op de Dag van de kriek!

En hier is mijn schaarbeekse kriekboomke:

Read Full Post »

Net voor het zonnige verlengd weekend moeten we toch nog een kruidenbiertje bespreken, wie weet vinden jullie het ergens op een terrasje in de Vlaamse Ardennen.

De Graal gember is een biertje van brouwerij De Graal te Brakel, 1 van m’n favorieten brouwerijen.
Een biertje van 8% maar veel merk je daar niet van omdat het zo kruidig is.
Al bij het opendoen ruik je de gember heel erg goed, heerlijke kruidige geur, zou hier steranijs of kruidnagel inzitten?
Een heerlijk fruitig biertje (niet zoet) met een perfecte balans van gember en koriander (daarover later meer).
Als je verder proeft merk je citrus (appelsien?)
en lichte honingsmaak op met toch een ietwat hoppige nasmaak.
Dit blijft één van m’n favoriete bieren!

 

 

 

 

 

Gember (Zingiber officinale Roscoe)

Volksnamen: gijnebeer, gingom, zevenknobbel.

Gebruikt deel: de wortelstok, gerooid na het afsterven van het blad in de herfst.

Biotoop:
Gember is vermoedelijk afkomstig uit tropisch India; momenteel is het enkel een cultuurplant die niet meer in het wild
wordt aangetroffen. Hij wordt vooral verbouwd in Zuidoost-Azië, maar tegenwoordig ook in alle andere tropische en subtropische streken van de
wereld. Hij houdt van goed doorlatende, humusrijke, losse, neutrale tot alkalische bodem; liever niet in de volle zon, maar wat beschut in de
halfschaduw, bij een hoge luchtvochtigheid, hoge temperatuur en zware regenval (dus in tropische omstandigheden). In gematigde streken kan hij enkel
in serres gekweekt worden.

Uitzicht:
Gember is een overblijvende maar niet-winterharde, bladverliezende, rietachtige plant die meestal als een éénjarige
wordt geteeld. Hij heeft een dikke, vlezige, knolachtige, zich grillig vertakkende aromatische wortelstok, die van buiten meestal goudgeel tot licht
grijsbruin is met een glad, mat glimmend oppervlak; vanbinnen is hij lichtgeel. De hoofdscheut (de ‘hand‘) draagt verschillende zijscheuten (de ‘vingers‘). De
wortelstok is eigenlijk een ondergrondse stengel die aan de onderkant een grote hoeveelheid dunne, onontwarbare eigenlijke wortels vertoont.
Het bovengrondse deel, dat zich elk jaar vernieuwt, ontstaat uit knoppen van de wortelstok. Het bestaat uit groepjes van stevige, rietachtige
stengels met smalle speervormige bladeren. In de bloei (zomer) komen er op een afzonderlijke bloeistengel witte, geelgroene tot purperen lelieachtige bloemen in een ovalen aar.

Geschiedenis:
Gember zou voor het eerst in Europa gebracht zijn door Marco Polo, die het in China had gezien, waar het al 3000 jaar geteeld wordt.
In India werd het reeds vroeg gekweekt om als smaakstof en bewaarmiddel toe te voegen aan voedsel, of ter bevordering van de spijsvertering, ter bescherming tegen ziekten en
ter lichaamszuivering.
De Romeinen namen het mee op hun veldtochten en beschouwden het als een zeer waardevol kruid; er werd zelfs belasting op geheven. Sommigen waren ervan overtuigd dat gember beschermde tegen
pest of zwarte dood.
Men stopte gember veel in recepten om het nadelige effect van potentieel toxische kruiden te verminderen. In de Middeleeuwen was het vooral van toepassing bij misselijkheid, bewegingsziekte, kater en winderigheid. Chinese zeelui kauwden op gember om zeeziekte te verdrijven. In de 16de eeuw was gemberbrood heel populair.

Modern kruidengeneeskundig gebruik:
Maagversterkend; beschermt tegen het ontstaan van maagzweren en tegen maagpijn.
Tegen misselijkheid en braken, reisziekte, postoperatieve misselijkheid en zwangerschapsmisselijkheid, na chemotherapie, bij kater.
Goed bij diarree en voedselvergiftiging (bv na het eten van mosselen). Verbetert de spijsvertering, vooral van eiwitten.
Verbetert de eetlust, vermindert darmgasvorming, krampstillend, verhoogt speekselafscheiding; goed tegen indigestie, zure oprispingen, zwakke spijsvertering, slechte eetlust, maagdarmkrampen, winderigheid, opgeblazen gevoel na de maaltijd.

Stimuleert de bloedsomloop; goed bij slechte doorbloeding. Bevordert de hartspierwerking; goed bij hartinsufficiëntie.

Ontstekingswerend op de gewrichten, dus goed bij reumatische aandoeningen en bij gewrichtsklachten door kou en vocht.

Bij uitwendig gebruik verbetert het de lokale bloedsomloop, oa bij spierpijn, stijfheid, verrekkingen, winterhanden en –voeten.

Cosmetisch:

Gebruikt in (vooral Oosterse) parfums. Stimulerend en doorbloedingsbevorderend effect op de huid, zit daarom in massagecrèmes, scrubs voor het gezicht,… Verse gemberwortel wordt als
‘rouge‘ gebruikt omdat ze de doorbloeding stimuleert. Een haarlotion op basis van gemberwortel stimuleert de haargroei.

Culinair:
Zoet, scherp, aromatisch kruid; onmisbaar in de Oosterse keuken.

Bestanddeel van garam masala en pickles. Gedroogd als specerij, bv als onderdeel van currypoeder.

In brood en gebak, maar best niet in gerechten met room als hoofdingrediënt. In gemberkoek, ontbijtkoek, speculaas.

Gembersap (geraspt en geperst door neteldoek) wordt vaak verwerkt in gerechten of drankjes. Goed bij fruitsoorten als
appel, banaan, meloen; in marmelade, chutney, jams. Geconfijte gemberstelen zitten in snoepgoed en fruitdesserts.

Gemberbier bestond reeds voor de opkomst van hop; gember wordt erbij gecombineerd met kruiden als gentiaan en kruidnagel. Er bestaat ook gemberwijn. Ginger Ale is een frisdrank die
tegenwoordig in de handel is.

Smaak- en reukcorrigens in veel tandverzorgingsmiddelen, mondwaters en gorgeldranken.

Read Full Post »